Nederlands StatenVertalings 1715 Bijbel

 

The Book of Psalms

 

Hoofdstuk 131

 

 

1.

 

Een lied Hammaaloth, van David. O HEERE! mijn hart is niet verheven, en mijn ogen zijn niet hoog; ook heb ik niet gewandeld in dingen mij te groot en tewonderlijk.

    
 
 

2.

 

Zo ik mijn ziel niet heb gezet en stil gehouden, gelijk een gespeend kind bij zijn moeder! Mijn ziel is als een gespeend kind in mij.

    
 
 

3.

 

Israel hope op den HEERE van nu aan tot in der eeuwigheid. Psalmen 132

    
 
 

Psalms 132

 

 

 

 

 
 
HTMLBible Software - by johnhurt.com