Nederlands StatenVertalings 1715 Bijbel

 

The Book of Psalms

 

Hoofdstuk 99

 

 

1.

 

De HEERE regeert, dat de volken beven; Hij zit tussen de cherubim; de aarde bewege zich.

    
 
 

2.

 

De HEERE is groot in Sion, en Hij is hoog boven alle volken.

    
 
 

3.

 

Dat zij Uw groten en vreselijken Naam loven, die heilig is;

    
 
 

4.

 

En de sterkte des Konings, die het recht lief heeft. Gij hebt billijkheden bevestigd, Gij hebt recht en gerechtigheid gedaan in Jakob.

    
 
 

5.

 

Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u neder voor de voetbank Zijner voeten; Hij is heilig!

    
 
 

6.

 

Mozes en Aaron waren onder Zijn priesters, en Samuel onder de aanroepers Zijns Naams; zij riepen tot den HEERE, en Hij verhoorde hen.

    
 
 

7.

 

Hij sprak tot hen in een wolkkolom; zij hebben Zijn getuigenissen onderhouden, en de inzettingen, die Hij hun gegeven had.

    
 
 

8.

 

O HEERE, onze God! Gij hebt hen verhoord, Gij zijt hun geweest een vergevend God, hoewel wraak doende over hun daden.

    
 
 

9.

 

Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u voor den berg Zijner heiligheid; want de HEERE, onze God, is heilig. Psalmen 100

    
 
 

Psalms 100

 

 

 

 

 
 
HTMLBible Software - by johnhurt.com