Nederlands StatenVertalings 1715 Bijbel

 

The Book of Psalms

 

Hoofdstuk 67

 

 

1.

 

Een psalm, een lied, voor den opperzangmeester, op de Neginoth.

    
 
 

2.

 

Opdat men op de aarde Uw weg kenne, onder alle heidenen Uw heil.

    
 
 

3.

 

De volken zullen U, o God! loven; de volken, altemaal, zullen U loven.

    
 
 

4.

 

De natien zullen zich verblijden en juichen, omdat Gij de volken zult richten in rechtmatigheid; en de natien op de aarde die zult Gij leiden. Sela.

    
 
 

5.

 

De volken zullen U, o God! loven; de volken, altemaal, zullen U loven.

    
 
 

6.

 

De aarde geeft haar gewas; God, onze God, zal ons zegenen.

    
 
 

7.

 

God zal ons zegenen; en alle einden der aarde zullen Hem vrezen.

    
 
 

Psalms 68

 

 

 

 

 
 
HTMLBible Software - by johnhurt.com